Hoe zorgen we ervoor dat jongeren, ook wanneer zij extra ondersteuning nodig hebben, kunnen blijven deelnemen aan onderwijs en zich kunnen ontwikkelen richting een kansrijke toekomst?
Die vraag stond centraal tijdens de online thematafel Onderwijs & Jeugdhulp van 3 september. Vertegenwoordigers van onderwijs, jeugdhulp, gemeenten en samenwerkingsverbanden gingen met elkaar in gesprek over de kansen, uitdagingen en gezamenlijke verantwoordelijkheid op het snijvlak van onderwijs en jeugdzorg.
De bijeenkomst sloot aan bij eerdere gesprekken binnen de thematafels over de Big 5: support, wonen, school, werk en welzijn. Conclusie: jongeren hebben niet altijd een toekomstplan nodig, maar ook de mogelijkheid om zich te ontwikkelen, mee te doen en perspectief op te bouwen. Onderwijs speelt daarin een cruciale rol. Niet alleen vanwege diploma's of kwalificaties, maar ook vanwege de structuur, sociale contacten, betekenisgeving en kansen die onderwijs biedt.
Onderwijs als sleutel tot ontwikkeling
Onderzoeker en programmaleider Sanne Pronk informeerde de deelnemers over de landelijke ontwikkelingen met betrekking tot de af- en ombouw van de gesloten jeugdzorg. Het aantal jongeren in de gesloten jeugdhulp neemt al jaren af. Dat is een positieve ontwikkeling, maar Sanne wees erop dat de problematiek van de jongeren daarmee niet is verdwenen. Ze verblijven vaker in kleinschalige voorzieningen of andere alternatieven, terwijl hun ondersteuningsbehoeften onverminderd complex blijven.
Uit onderzoek blijkt dat juist deze groep jongeren vaak te maken heeft met schoolwisselingen, verzuim, onderbroken schoolloopbanen en een lange geschiedenis van hulpverlening. Voor hen kan onderwijs een belangrijke sleutel zijn naar herstel en toekomstperspectief. Tegelijkertijd blijkt het realiseren van passend onderwijs nog lang niet vanzelfsprekend. Veel jongeren vinden moeilijk aansluiting bij bestaande onderwijsvoorzieningen en raken onderweg uit beeld.
De boodschap van Sanne: de transformatie van de gesloten jeugdzorg vraagt niet alleen om afbouw van bestaande voorzieningen, maar vooral om opbouw van nieuwe alternatieven. Passend onderwijs, onderwijszorgvoorzieningen en sterke samenwerkingsverbanden zijn daarbij onmisbaar. De gezamenlijke opdracht is ervoor te zorgen dat jongeren niet verdwalen tussen systemen, maar onderwijs kunnen blijven volgen, ongeacht waar zij tijdelijk verblijven.
Wat betekent dit voor Flevoland?
Vervolgens liet Ellen Zweers, projectleider van de regionale ‘Onderwijscoalitie af- en ombouw gesloten jeugdzorg Flevoland’, zien hoe deze landelijke ontwikkeling concreet vorm krijgt in Flevoland. De onderwijscoalitie werkt samen met onderwijs, gemeenten, jeugdhulporganisaties, GI’s en andere partners aan één gezamenlijke ambitie: een passend onderwijs- en ontwikkelperspectief voor jongeren met een intensieve ondersteuningsvraag.
Binnen Flevoland wordt gewerkt aan het in kaart brengen van de gezamenlijke opgave. Daarbij richt de verkenning zich nadrukkelijk niet alleen op jongeren in de gesloten jeugdhulp of
JeugdzorgPlus, maar op alle jongeren die verblijven in vormen van begeleid of behandeld wonen waar onderwijs en ontwikkeling onder druk kunnen staan.
Om beter zicht te krijgen op hun behoeften wordt informatie verzameld over de huidige onderwijsdeelname, de knelpunten en de gewenste ontwikkelperspectieven van jongeren. De eerste inzichten laten zien dat veel jongeren behoefte hebben aan kleinschaligheid, voorspelbaarheid, individuele aandacht en aan een combinatie van onderwijs, sociale ontwikkeling en praktische activiteiten. Tegelijkertijd blijkt dat standaardoplossingen vaak onvoldoende aansluiten op hun mogelijkheden en behoeften.
De ambitie is om samen met partners verder te bouwen aan een routekaart voor passend onderwijs(zorg)aanbod. Niet vanuit afzonderlijke organisaties, maar vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de betreffende jongeren.
Van opgave naar praktijk: de kracht van vroeg ondersteunen
Namens 's Heeren Loo lichtte Lucette Schepers samen met Tessa Lafebre, directeur PROAlmere, toe hoe de verbinding tussen onderwijs, jeugdhulp en ouders juist vroegtijdig wordt georganiseerd. De gedachte daarbij is dat voorkomen beter is dan herstellen. Hoe eerder signalen worden opgepakt en ondersteuning beschikbaar is, hoe groter de kans dat kinderen en jongeren kunnen blijven deelnemen aan onderwijs en zich blijven ontwikkelen.
De praktijk leert dat problemen vaak niet ontstaan binnen één domein. Een leerling die vastloopt op school heeft regelmatig ook te maken met vraagstukken thuis, in het sociale netwerk of op andere leefgebieden. Daarom vraagt effectieve ondersteuning om professionals die over de grenzen van organisaties heen samenwerken en gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen. Overigens trekken onderwijs, zorg en ouders al in een vroeg stadium samen op om escalatie te voorkomen en jongeren zo veel mogelijk binnen hun vertrouwde omgeving en onderwijssetting te laten ontwikkelen.
Juist door ondersteuning dichtbij het kind, het gezin en de school te organiseren ontstaat ruimte om problemen vroegtijdig te signaleren en escalatie te voorkomen. Daarmee wordt niet alleen schooluitval bestreden, maar verkleint ook de kans dat zwaardere vormen van ondersteuning nodig zijn.
Samen optrekken vraagt om elkaar leren kennen, elkaar vasthouden, duidelijke afspraken over taken, rollen en verantwoordelijkheden en lef, zo was tijdens de presentatie te horen.