Evaluatie

Realisatiefase 

Gedurende het traject evalueert de aanbieder periodiek het traject met jeugdige/gezin. De frequentie wordt in het behandelplan bepaald. De tussentijdse evaluaties zijn belangrijk omdat behoeften en wensen regelmatig veranderen. Ook geeft de tussentijdse evaluatie een perspectief over het vervolg van het traject. Gedurende het traject kan het RET geraadpleegd worden. 

Het kan zijn dat er na de start van het traject nieuwe informatie beschikbaar komt of dat er live-events plaatsvinden waardoor de vorm van jeugdhulp toch niet passend is. Wanneer dit het geval is neemt de aanbieder contact op met de verwijzer zodat er snel onderzocht kan worden wat wel passend is en er een doorverwijzing voor die van van jeugdhulp komt. De route voor het doorverwijzen naar de juiste passende zorg loopt via de reguliere aanvraagprocedure. De hulplijnen kunnen hierbij worden ingeschakeld.  

Lees meer:

De aanbieder houdt bij aanvang van de hulp rekening met de doorgaande hulpverlening (zorgcontinuïteit) vanaf het 18e levensjaar van de jeugdige. In dat kader neemt de procesregisseur , voor zover noodzakelijk en voor zover de jeugdige de leeftijd van 16,5 jaar heeft bereikt, het initiatief en voert hij de regie tot het in samenspraak met de jeugdige en aanbieder opstellen van een toekomstplan. Hierin wordt ten aanzien van de verschillende leefgebieden: zorg, onderwijs, werk, vrije tijd, gezondheid en financiën, voor zover noodzakelijk integraal beschreven wat de stand van zaken in de hulpvraag is en aan welke doelen de jeugdige nog wil/gaat werken en welke partijen betrokken zijn bij het realiseren van deze doelen. De aanbieder draagt zo bij aan een ‘warme’ overdracht naar de opvolgende aanbieder(s).

De aanbieder zorgt, waar mogelijk en redelijk, voor het regelen van hulp buiten de Jeugdwet voordat een jongere 18 jaar wordt. Dit gebeurt in samenwerking met andere betrokken partijen, die ervoor moeten zorgen dat de voorwaarden hiervoor goed geregeld zijn.

De aanbieder betrekt in het geval van verlengde jeugdhulp, niet zijnde verlengde pleegzorg, de door de Jeugdwet aangewezen verwijzers om te beoordelen wat de juiste opvolgende voorzieningen inhouden. Onder verlengde jeugdhulp wordt verstaan die zorg of ondersteuning van een jeugdige die de leeftijd van 18 jaar maar nog niet die van 23 jaar heeft bereikt en die niet op grond van de Zorgverzekeringswet, Wet langdurige zorg of Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 geboden kan worden.

Vaststellen van de procesregisseur voor het vervolg is een voorwaarde van de bepaling. 

Behoeften van de jeugdige kunnen (snel) veranderen. Denk hierbij aan de leeftijd, onvoorziene omstandigheden of de omgeving van de jeugdige. De aanbieder treedt tijdig of tijdens een tussentijdse evaluatie in overleg met de jeugdige over deze veranderingen. De (biologisch) ouders en/of verzorgers van de jeugdige kunnen hierbij betrokken worden. Als een gewijzigde of nieuwe toewijzing aan de orde is vraagt de aanbieder deze met en namens de jeugdige aan. 

Afhankelijk van het perspectief van de jeugdige dat volgt uit het toekomstplan, zet de procesregisseur, in samenwerking met de huidige casusregisseur, tijdig een van de volgende acties uit:

  • Afronden behandeltraject
  • Aanmelden bij zorgverzekeringswet
  • Aanmelden bij Wlz
  • Aanmelden bij Wmo

In het vrijwillige kader voert de lokale toegang de procesregie uit. In het gedwongen kader is dit de taak van de Gecertificeerde Instelling (GI). Bij de terugkeer naar huis of zelfstandigheid (binnen het gedwongen kader) wordt ook altijd de lokale toegang betrokken. De procesregisseur blijft gedurende het gehele traject (van opschalen tot afschalen) actief of passief betrokken, afhankelijk van de betrokkenheid van de GI. Dit protocol zorgt voor continuïteit richting de jeugdige, het gezin en de hulpverleningsinstantie. Ook is doorverwijzing naar lokale hulpverlening of afschaling hierdoor mogelijk.

De lokale invulling van de procesregie wordt vormgegeven en uitgewerkt in de lokale context. Dit geldt ook voor de afspraken die worden gemaakt over de rol- en verantwoordelijkheidsverdeling tussen de gemeente en de aanbieder. 

De term ‘verlengen’ wordt in dit kader niet gebruikt. Elke situatie wordt beschouwd als een nieuwe hulpvraag die volgens de geldende juridische stappen onderzocht moet worden. Het kan voorkomen dat de omstandigheden nauwelijks veranderd zijn, of dat dezelfde vorm van jeugdhulp opnieuw noodzakelijk is. Toch blijft onderzoek altijd vereist. Dit onderzoek wordt zorgvuldig uitgevoerd, met aandacht voor alle betrokkenen en gebruikmakend van reeds bekende informatie. Op deze manier kan zo snel mogelijk een weloverwogen besluit worden genomen.

In principe is jeugdhulp bedoeld voor jeugdigen tot 18 jaar. Soms is het echter nodig dat deze hulp na het 18e levensjaar wordt voortgezet. Dit noemen we verlengde jeugdhulp. De Jeugdwet biedt hiervoor mogelijkheden, als de hulp niet onder een andere wet valt. Verlengde jeugdhulp kan worden ingezet tot maximaal 23 jaar. Er zijn drie situaties waarin verlengde jeugdhulp mogelijk is: 

  1. Hulp is al gestart vóór het 18e jaar en moet worden voortgezet De jongere ontvangt jeugdhulp voor zijn of haar 18e verjaardag. Het is noodzakelijk dat deze hulp na de 18e verjaardag doorgaat, en er is geen andere wet die deze hulp biedt. In dat geval kan de gemeente besluiten de jeugdhulp te verlengen.
  2. Vooraf vastgesteld dat hulp nodig is na 18 jaar De gemeente bepaalt vóór de 18e verjaardag dat de jongere ook na die leeftijd jeugdhulp nodig heeft. Ook dan kan de hulp worden voortgezet vanuit de Jeugdwet, zolang er geen andere wet van toepassing is.
  3. Hulp wordt binnen zes maanden hervat De jeugdhulp is gestopt voor de 18e verjaardag, maar blijkt binnen zes maanden toch weer nodig. In dat geval mag de gemeente de hulp opnieuw inzetten als verlengde jeugdhulp. Let op: de hulp moet in alle gevallen starten vóór de jongere 23 jaar wordt.

Pleegzorg na 18 jaar

Pleegzorg kan doorlopen tot 21 jaar, als aan één van de volgende voorwaarden is voldaan: - De pleegzorg is begonnen vóór het 18e jaar. - De pleegzorg is gestopt vóór het 18e jaar, maar binnen zes maanden weer hervat. Daarnaast geldt sinds 1 februari 2020 een landelijke afspraak: verblijf in een gezinshuis loopt standaard door tot 21 jaar. Alleen als de jongere of gezinshuisouder dit niet (meer) wil, stopt de hulp eerder.

Jeugdhulp bij strafrechtelijke beslissingen

Jeugdhulp die nodig is vanwege een strafrechtelijke beslissing of jeugdreclassering valt altijd onder de Jeugdwet. Dit geldt, ongeacht de leeftijd van de jongere. De strafrechter kan namelijk tot 23 jaar straffen opleggen volgens het jeugdstrafrecht. Daardoor kan jeugdhulp in dit kader zelfs na het 23e jaar nog worden voortgezet. De beslissing of er verlengde jeugdhulp noodzakelijk is ligt bij de verantwoordelijke gemeente. Eventueel in afstemming met het RET. Daarnaast kan er bij verschil van visie ook opgeschaald worden via de hulp- en escalatieroutes.